Het Laatste Woord

Diagnose: parallel universum

dinsdag 06 november 2012

Na vijftien jaar werken voor gemeentes kunnen wij bij een brief de diagnose 'parallel universum' snel stellen. Brieven van een gemeente zijn gewoonweg niet van deze wereld. Ze hebben vaak niets met de realiteit te maken.

 

Negen ernstige symptomen van dit parallelle universum:

  1. Het antwoord op de prangende vraag van de lezer (Mag ik bouwen? Krijg ik de subsidie?) staat helemaal onderaan de brief. Niet zelden op pagina twee. Ons filmpje laat zien wat er dan gebeurt.
  2. De taal stamt uit 1830 (of ouder). Woorden als inzake, weldra, uw schrijven, telefonisch onderhoud, jongstleden, doch, onderhavig en thans komen schaamteloos voorbij.
  3. De zinnen zijn zo lang dat voorlezen op één adem niet lukt.
  4. De brief zit vol juridisch niet ter zake doend geneuzel. Aan de boodschap: ‘uw bezwaar is gegrond’, gaan gerust twee alinea’s beschouwende tekst over de ontvankelijkheid vooraf.
  5. Er staat zoveel mogelijk in de lijdende vorm. Iets wordt besloten en iets wordt opgelegd. Soms pakt dat overigens wel gunstig uit voor de ontvanger:

    Uw totale betalingsachterstand van € 864,94 wordt voldaan in acht termijnen ingaande per 1 juli 2012. Nou, dank u! 

  6. Alles is op grond van of ingevolge een artikel. Dus  ‘Ingevolge het bepaalde in artikel 6:7 en 6:8 van de Awb bedraagt de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift zes weken.' Of 'U heeft gevraagd om ontheffing van het bepaalde in artikel 3.5.1 van de APV.' Nee hoor, ik wilde gewoon een kampvuur stoken. Het argument voor deze schrijfstijl: als het voor de rechter komt ...  (de rest van de redenering verstomt).

  7. Het barst van de nutteloze bijvoeglijke naamwoorden. ‘De bestaande riolering wordt vervangen’. Gelukkig, ze laten de niet-bestaande liggen. ‘Het opgestelde plan van aanpak’. Als het niet was opgesteld, hadden we het nu niet over gehad. ‘De aanwezige bomen worden gerooid’. De afwezige bomen blijven staan hoop ik? ‘Uw ingediende aanvraag’. Tja, als ik hem niet had ingediend, had jij hem niet gehad.

  8. Een brief staat vol eufemismen, terwijl de lezer echt wel snapt dat een ‘ombuiging’ een bezuiniging is, een ‘herontwikkeling’ betekent dat je iets gaat slopen en een ‘impulswijk’ een bijzonder slechte wijk is. Participatietraject? O, er komt dus een infoavond.

  9. De hele brief ademt wantrouwen. De opsteller gaat ervan uit dat de inwoner op aarde is om het leven van een ambtenaar zuur te maken. Brieven gaan over wat niet mag, in plaats van over wat wel mag. Als je iets vraagt, krijg je een toets, en nóóit een advies. Het heet niet voor niets een 'ambtelijk apparaat'.

 

En weet je wat nu zo gek is? Het is een papieren parallel universum. Als ik de schrijvers van deze brieven spreek, zijn ze vriendelijk, begripvol, klantgericht en modern. Althans, de meesten.